Op 25 augustus 1920 wordt Johannes Karel Sjouke Anema in Leeuwarden geboren als oudste zoon van Sijbout Sjouke Anema (Leeuwarden 1894) en Antje Elzinga (Zwaagwesteinde, Friesland 1893). Het echtpaar krijgt vier kinderen: Annie Sieberdina – Anke – (1919), Johan, Gerrit Tako (1922) en Sijbout Sjouke (1926). Vader is intern accountant bij een verzekeringsmaatschappij. Het gezin woont na Leeuwarden in Nijmegen en Bilthoven, om in 1940 te verhuizen naar een groot herenhuis op Boulevard Heuvelink 122 in het Spijkerkwartier in Arnhem. Johan gaat studeren aan de Landbouwhogeschool in Wageningen.

De oorlog

De familie neemt Joodse onderduikers in huis, ook al woont tegenover hen een Duits gezinde onechte zoon van prins Hendrik. De jongens zitten in het verzet en zijn bijvoorbeeld betrokken bij sabotageacties aan het spoor. Vader en broer Gerrit zijn ook vrijwilliger voor het Rode Kruis. Laatste is als lid van een knokploeg betrokken bij het bevrijden van een grote groep gevangenen uit de Koepelgevangenis in Arnhem (juni 1944). In het voorjaar van 1943 weigert Anema als student de Loyaliteitsverklaring te tekenen en hij duikt begin mei onder op een boerderij in het Friese Echten bij het Tjeukermeer. Daar komt hij in contact met illegale werkers en sluit zich aan bij het gewapende verzet. Meerdere malen doet hij mee aan overvallen op distributiekantoren, zoals op 10 september 1943 in Sint Jansklooster met de knokploeg van Uilke Boonstra. Ook bevrijdt hij gevangen kameraden, blaast dorsmachines op om te voorkomen dat de oogst naar Duitsland gaat, saboteert spoorwegen en helpt en verbergt Engelse piloten. Als de Gestapo een premie van 80.000 gulden op zijn hoofd zet, besluit Anema Friesland te verlaten. Hij keert op 15 april 1944 terug in Arnhem, woont weer thuis en doet met een studievriend grondonderzoek in de bossen.

Vanuit Arnhem krijgt Anema contact met de knokploeg Koenraad in Apeldoorn en hij sluit zich bij hen aan onder de schuilnaam Karel Elzinga. Zo saboteert hij de spoorwegverbinding tussen Apeldoorn en Amersfoort, doet mee aan overvallen en is betrokken bij wapendroppings op heidegebied De 36 Bunder bij Vierhouten en de Hertenkamp bij Vaassen. Dat najaar worden verschillende Apeldoornse knokploegen uiteen geslagen, maar Anema gaat ondanks het gevaar bij de groep onder leiding van Coen, alias Schalk Toom. Vanaf november 1944 werkt hij mee aan een geheime zender en duikt onder bij radiotechnicus Gerrit Meerhof. Bij hem thuis wordt Johan op 10 januari 1945 in het bezit van een vervalst persoonsbewijs samen met elf anderen gearresteerd. Familieleden van Meerhof en medeverzetsstrijders lopen verspreid over de dag in de val. De SD vindt zendapparatuur, Engelse uniformen, wapens, handgranaten en patronen. Verzetskameraad Jen Nagtegaal wordt bij een ontsnappingspoging ter plekke doodgeschoten en ligt drie dagen voor het huis op straat. De arrestanten worden zwaar verhoord in de Willem III-kazerne en op 24 februari belanden Meerhof en Anema als Todeskandidaten in De Kruisberg. Johans familie zal pas op 2 augustus zeker weten dat hij is omgekomen.

Leer Johannes Karel Sjouke Anema kennen